Beowulf (2007) revisited

December 26th, 2009 by Erik

Afgelopen week, in het kader van de kerstsfeer, vond ik het wel passen om de film Beowulf te herbekijken. De animatiefilm eigenlijk, al merkte ik pas toen ik in de bioscoopzaal zat bij de eerste schouwing dat het om 100 % digitaal materiaal ging. Ik had wel iets gelezen over het gedigitaliseerde lichaam van Angelina Jolie als moeder van Grendel, maar meende dat het om beperkte CGI zou gaan. Niet dus, maar dat gaf niet, want ik denk dat sommige scènes uit de film niet hadden gekund zonder kunstmatig uitziende CGI in een reguliere prent. Dat er voor volledige animatie gekozen werd verbaasde me dan ook niet helemaal, en het werkt over het algemeen wel - al wilden de makers hier en daar wellicht vooral hun kunnen tonen.

beowulf1

Deze tijd van het jaar, want traditioneel wordt het verhaal van Beowulf voorgedragen de dag voor kerstmis. Of “giftmas”, zoals de feestdag dezer dagen eigenlijk zou moeten noemen - Christus komt minder en minder in beeld, en dat kan ik alleen maar toejuichen. Ook in de Beowulf film toont men enige afkeer van het christendom, met zelfs de terechte sneer dat het christendom slechts grienende martelaars produceerde, terwijl de oude Deense goden staan voor kracht, persoonlijke verantwoordelijkheid, en het vieren van het leven en zijn geneugten. We krijgen ook zeer mooie beelden te zien van een draak die een kerk vernielt, en de meest gluiperige en verachtelijke persoon aan het hof die christelijk priester wordt (een pluim voor John Malkovich, trouwens).

Beowulf en de zijnen kunnen er iets van, van dat vieren. Strijd, bier, zang, vrouwen, niets menselijks is hen vreemd. Wanneer het gedrocht Grendel hem vraagt wie hij is, net voor Beowulf Grendels arm van zijn lichaam scheidt, stelt Beowulf: “I am Ripper, Tearer, Slasher, Gouger. I am the Teeth in the Darkness, the Talons in the Night. Mine is Strength, and Lust, and Power! I AM BEOWULF! “. Men ziet het Christus of Danneels nog niet zeggen…

Leven met een passie, dat lijkt de boodschap van deze versie van Beowulf te zijn. Ik zeg “versie”, want deze film, waar onder andere Neil Gaiman aan meewerkte, volgt niet helemaal de traditionele saga. Traditioneel doodt Beowulf de moeder van Grendel wél, maar ik vind deze versie eigenlijk ook wel werken. Ondanks zijn zwakheden kan men de hoofdfiguur blijven appreciëren en steunen doorheen het verhaal. Hij heeft dan misschien een kind gemaakt met Grendels moeder om alzo rijk en machtig te worden, maar uiteindelijk verdedigt hij zijn vrouw en minnares met zijn leven, en staat hij, mannelijk als hij is, niet toe dat hen een haar gekrenkt wordt, zelfs wanneer de liefde tussen hem en zijn vrouw reeds lang voorbij lijkt, en in elk geval de passie er niet meer is. Een integer man, consequent, misschien gewoon vechtlustig, die een fout uit zijn jeugd zijn hele leven meedraagt. En merk op dat die fout gebeurde nog voor hij en zijn koningin een koppel werden. “Was ze dan zo mooi?” vraagt zijn vrouwe, Wealthow, blond als ze is, alsof schoonheid hier echt een factor was. Een betere vraag zou zijn: “Was ze het waard?” En misschien had Beowulf dan moeten antwoorden zoals Marv uit Sin City: “Worth killing for. Worth dying for. Worth going to Hell for.” Maar neen, Beowulfs gestoei met de moeder van Grendel lijkt maar in weinig op het gestoei tussen Marv en zijn Goldie.

Het herbekijken van Beowulf was misschien een beetje tegengif tegen de komende christelijke feestdagen. Dit was een jaar waarin ik enigszins geschokt was te merken hoeveel mensen, jonge mensen zelfs, twintigers, niet alleen nog trouwen voor de Kerk, maar ook hun kinderen laten dopen. Vaak met het vrij idiote argument dat de kinderen dan later probleemloos voor de Kerk kunnen trouwen, indien ze dat zouden willen. Mijn advies: laat je kinderen zelf kiezen, wanneer ze oud en wijs genoeg zijn om te kiezen, en wees niet zo hypocriet. Ik begrijp de nood aan rituelen, iets wat ongetwijfeld in de klei van de mens gebakken zit, maar ik vind persoonlijke keuze en persoonlijke verantwoordelijkheid primeren over het opnemen van kinderen in oude gewoontes, gewoon omdat het de gewoonte is. Men trouwt voor de Kerk omdat het diepgaander is dan het tekenen van een document op het stadhuis, wat ik vat, maar het dopen van kinderen doet men enkel uit gewoonte of omdat men echt gelovig is - en beide redenen komen mij onbegrijpelijk over. Ik meende dat de Kerk op sterven na dood was, en juichte die ontwikkeling toe, maar de jeugd heeft al te vaak niet de ballen om met tradities te breken en te doen wat zinnig is, of wat ze zélf eigenlijk willen, in plaats van te doen wat oma zal gunstig stemmen. Ze zullen al eens iets rebels doen of denken, of zich alternatief kleden, maar voorts blijven ze braaf in de pas lopen. En intussen rinkelt de katholieke kassa…

Nee, dan heb ik meer sympathie voor de oudere religies die wél uit onze streken voortkwamen, en niet uit verre woestijnstammen. Met volle teugen leven schijnt me nog altijd zinniger toe dan op de blote knieën knielen op harde kerkbankjes te bidden, smekend om van de schuld van verzonnen voorouders verlost te worden (erfzonde, wat een concept!), hopend om nà (??) de dood gelukkig te worden (*).

Geluk moet hier en nu gegrepen worden, iets wat uit het verhaal van Beowulf, en het voortleven ervan, hopelijk mag blijken. En dat we mogen leren uit zijn fouten.

 You need to a flashplayer enabled browser to view this YouTube video

(*) interessant, overigens, dat zoveel christenen nog niet de link gelegd hebben tussen cryonics en de uitverkorenen die zullen verrijzen uit de doden…

Bioshock 2 (preview)

October 4th, 2009 by Erik

Bij een succesvol computergame, zoals bij een film, hoort natuurlijk een vervolg. Bioshock 2 werd volledig gemaakt door de personen die de visueel meest indrukwekkende gedeeltes van Rapture ontwikkelden, dus mijn verwachtingen zijn hoog.

In Bioshock 2 zal men een Big Daddy spelen, en zal men geconfronteerd worden met een “Big Sister” - een van de meisjes die Jack in deel 1 gered heeft, maar die terugkeerde naar Rapture. Om de andere meisjes te beschermen?

bioshock-2-big-sister

Er worden meer morele keuzes beloofd, en men zal ook buiten Rapture op de zeebodem lopen, maar waar ik vooral nieuwsgierig naar ben is de “gebroken elegantie” van de Big Sister. Ook zal Rapture, aangezien het spel zich enkele jaren na Bioshock 1 afspeelt, nog meer vervallen zijn, zullen de splicers psychotischer zijn, etc…  Hopelijk gaan ze niet overboord hiermee, maar de previews lijken er nog wel OK uit te zien wat dat betreft. Release voorzien later dit jaar.

You need to a flashplayer enabled browser to view this YouTube video

Bioshock computerspel

October 4th, 2009 by Erik

Bioshock is reeds een tijdje op de markt (sinds 2007), maar zelf kocht ik het pas enkele maanden geleden. Reden hiervoor was dat ik het pas recent bij een vriend even bekeken had, en meteen voor de bijl ging vanwege het concept en de visuele stijl.

Bioshock is een first-person-shooter in het sci-fi griezelgenre, maar niet wat je noemt een standaard shooter. Naast de actie zijn vooral ook de sfeer, de grafische vormgeving, en het verhaal zeer sterke troeven bij die spel, dat er meerdere prijzen om won.

In Bioshock kruipt men in de huid van een zeker Jack, die aan het begin van het spel (het jaar 1960) met zijn vliegtuig neerstort in de Atlantische oceaan. Niet ver van de brandende brokstukken kan Jack een soort gebouw zien, op het eerste zicht een vuurtoren, omringd door de zee. Hij zwemt erheen om in relatieve veiligheid te komen, en ziet in die toren enkele banieren hangen die vrijheid, wetenschap en commercie prijzen. In het centrum van het gebouw, enkele trappen naar beneden, is een “bathysfeer” te vinden – een bolvormig soort duikboot, dat door het overhalen van een hendel langs een vaste route begint te varen.

Tot Jack’s verbazing blijkt op de bodem van de oceaan een hele stad gebouwd te zijn in art deco-stijl: Rapture, waarlijk een indrukwekkende scène die opdoemt, met vele verdiepingen gebouwen en zelfs neonreclame, waartussen vissen groot en klein rondzwemmen, gebouwd rond een niet-actieve vulkaankern.

bioshock-rapture

Dat het geen paradijs onder de zeespiegel (meer) is, dat blijkt wanneer de bathysfeer van Jack aandokt in de eigenlijke stad. Een man heeft gemerkt dat de bathysfeer arriveerde, zat daar blijkbaar op te wachten, en wil zo snel mogelijk in het voertuig stappen om uit de stad weg te komen. Er is echter nog een andere figuur, een vrouw, die vanuit de schaduwen op de man afspringt, en hem, met een haak in beide handen, vakkundig aan stukken rijt nog voor de deur van de bathysfeer opent. Deze vrouw probeert ook de bathysfeer binnen te dringen om Jack aan te vallen, maar iets of iemand weet haar af te schrikken. Over de draagbare boordradio weerklinkt voor het eerst een stem die Jack voor de rest van het spel zal begeleiden: Atlas, een Ier, die samen met zijn vrouw en kind ook wil wegvluchten uit Rapture. Atlas bestuurt een telegeleid vliegend beveiligingsrobotje om de vrouw weg te jagen, zodat Jack de stad binnenkan.

bioshock-splicer

Aan het dok liggen nog protestplakkaten met slogans als “Ryan doesn’t own us”, een verwijzing naar Andrew Ryan, de man die Rapture bedacht en bouwde, maar blijkbaar uit de gratie van het volk gevallen is. Waarom, dat wordt pas in de loop van het spel duidelijk. Het dok van de bathysfeer blijkt een soort station geweest te zijn, doch op het bord met vertrektijden staan alle uitgaande vaarten als geannuleerd. Even is er geen levende ziel te bespeuren, maar Atlas raadt Jack aan toch een handwapen vast te nemen, voor het geval Jack de vrouw, of andere bewoners van Rapture, tegen het lijf loopt.

En het duurt niet lang voor dat gebeurt natuurlijk: op een smalle trap naar boven gooit iemand een brandende sofa naar beneden, die maar net te ontwijken is. Bovenaan de trap is de ingang van het station te zien, met onder andere een maquette van de toren waarin Jack de bathysfeer vond. Gelukkig vond Jack intussen een grote Engelse sleutel om belagers van zich af te slaan.

De automatische deur van het station is gesloten door een elektrische storing, en het lijkt erop dat Jack gevangen zit. Echter, in het station bevindt zich ook een soort automaat waar in te spuiten vloeistoffen gekocht kunnen worden. De automaat is stuk, waardoor Jack aan de waren kan zonder geld te hoeven uitgeven. Wanneer hij de vloeistof inspuit, strompelt Jack rond van de pijn, en tuimelt een verdieping naar beneden, terwijl Atlas hem over de radio probeert gerust te stellen dat het gewoon zijn genetische code is die herschreven wordt. Dat geeft echter weinig troost, Jack zijgt bewusteloos neer.

garden

Tweemaal is er commotie rond hem, en komt hij enigszins weer bij: eerst wanneer een figuur met een raar masker komt kijken of hij dood is, maar wegvlucht wanneer hij een “Big Daddy” hoort aankomen. Wat later komt Jack opnieuw even bij, wanneer de grond trilt onder de voetstappen van de Big Daddy, die echter niet alleen komt maar in gezelschap van een klein meisje. Een klein meisje met een grote naald die besluit Jack nog even met rust te laten omdat hij nog niet helemaal dood is. Ze zal later wel eens terugkomen…

bioshock_big_daddy_and_little_sister

Wanneer Jack weer helemaal bij zinnen is, blijkt zijn genetische code inderdaad herschreven te zijn, waardoor hij nu met zijn hand elektrische stroomstoten kan wegschieten, en zo de deur naar Rapture toch kan openen. De vloeistoffen in de automaat waren “plasmids”, genetische producten die de gebruiker krachten geven die men normaal als “bovennatuurlijk” zou omschrijven.

Met Rapture probeerde Andrew Ryan een ideale maatschappij te scheppen. Een vrije markt waar mensen naar hartelust zouden kunnen scheppen en handel drijven, vrij van God en overheid, waar de grote vissen zich niet moeten laten hinderen door de kleine visjes, maar mensen met gigantische capaciteiten onbelemmerd hun volle potentieel kunnen ontwikkelen. Zoiets kon niet bereikt worden op het vasteland; zoals Ryan zelf zegt: “It was not impossible to build Rapture at the bottom of the ocean. It was impossible to build it anywhere else.”

In principe klinkt dit natuurlijk als een droom, maar de realiteit bleek helaas anders. De plasmids maakten gebruikers superieur aan zij die er geen geld voor hadden, en maakten zo de kloof tussen de machtige en de gewone mensen groter. Dit werkte verslavend, met een gevolg dat diefstal, hacken van verdeelautomaten, en geweld toenamen. Een zekere Fontaine probeerde de onrust op te stoken, smokkelde verboden goederen als bijbels en wapens rapture binnen, met de bedoeling uiteindelijk Ryan van de troon te stoten.

De plasmids zelf konden ontwikkeld worden door een zeldzame soort zeeslak genetisch te manipuleren, en als parasiet in te planten bij kleine meisjes (ze zien er een jaar of 9 uit). Deze meisjes (“Little Sisters”) genereren dan een stof die ADAM genoemd wordt, en die de plasmids mogelijk maakt. Hoe meer ADAM men heeft, hoe meer plasmids men kan verdragen, en hoe krachtiger de plasmids kunnen worden.

Gebruik van de plasmids ontneemt echter energie, en die persoonlijke energie noemt men EVE. Er bestaan injecties die extra EVE geven, maar de krachtigere ADAM kan men enkel oogsten van de Little Sisters. Onnodig te zeggen dat deze Little Sisters een gegeerd doelwit werden voor zij die aan plasmids verslaafd raakten (“splicers”), en kleine meisjes zijn zo kwetsbaar…

ls

Dat is waar de Big Daddies het toneel betreden. De Big Daddies zijn stevig, sterk, gewapend met een gigantische boor of andere wapens, en zéér fanatiek in het beschermen van de Little Sisters. Of het robots zijn, is niet meteen duidelijk. Vrij vroeg in het spel is Jack echter getuige van wat er gebeurt wanneer iemand een Little Sister te dicht nadert, en dat is geen lieflijk zicht…

Maar natuurlijk: naarmate het verhaal vordert dient Jack het ook tegen enkele Big Daddies op te nemen. Wanneer hij er dan in slaagt bij een Little Sister te komen, dient hij een ethische keuze te maken: al de ADAM van de Little Sister nemen, waardoor zij sterft maar hij wel heel wat krachtiger wordt, of een kleinere hoeveelheid nemen en haar laten leven, met het risico dat hij uiteindelijk te zwak zal zijn om de finale confrontatie (met Andrew Ryan? Fontaine? Iemand anders?) aan te gaan.

Op zijn tocht doorheen Rapture ontwikkelt zich voor Jack de geschiedenis van hoe Rapture tot stand kwam, en hoe Rapture uiteindelijk viel. Andrew Ryan leeft nog, in bittere strijd verwikkeld met Fontaine, maar het grootste deel van de stad wordt enkel nog bewoond door splicers, en ligt bezaaid met rommel en dode lichamen. De plasmids tastten duidelijk ook de geest van de mensen aan, waardoor creativiteit een duistere en onmenselijke wending krijgt, paranoia nieuwe hoogten kent, en geweld schering en inslag wordt. Waar Ryan een utopia wilde bouwen, zorgden menselijke zwakte en tekortkomingen, of gewoon menselijke instincten en driften, uiteindelijk voor een dystopia. Jack is terechtgekomen in een droom die reeds lang een nachtmerrie geworden is.

pl_bioshock15_f

Bioshock sprak me visueel, met de art deco-stijl en de vervallen glorie, en ook de oude muziek, onmiddellijk zeer sterk aan. Onverwachte schaduwen en splicers met onvoorspelbare eigenschappen, alsook licht storende details die niet altijd bewust opgenomen worden,  zorgen voor de nodige spanning, wat nog versterkt wordt door de atypische manier waarop de splicers bewegen, waardoor het soms lastig is om te mikken en raak te schieten.

Maar ook de verhaallijn, die zeer sterk gebaseerd is op visies en ideeën van Ayn Rand (dat de bedenker van Rapture “Andrew Ryan” heet is reeds een verwijzing naar haar naam), is zelden gezien in een computerspel. Het is geen simpel “mikken en schieten” spel, er is over nagedacht, Bioshock toont een Randiaanse filosofie die te ver doorgedreven werd en uit de hand liep, omdat nu eenmaal niet alle mensen grote, creatieve, wilskrachtige, gedreven geesten zijn. Zelfs Andrew Ryan zelf blijkt enkele menselijke zwaktes te bezitten. Maar er zitten ook enkele goede wendingen in het verhaal, waarvan ééntje die ik absoluut niet had zien komen. Het is altijd leuk wanneer een computerspel écht verrast.

Dat Rapture nog leeft, blijkt uit het feit dat een gang die eerst veilig was, dat op een volgende passeren niet noodzakelijk nog steeds is. Splicers kunnen er nieuwe beveiliging geïnstalleerd hebben, bijvoorbeeld.

Ook moeten hier en daar puzzels opgelost worden, al zijn die nooit echt van een onmenselijk niveau. Het hacken van kluizen, beveilingscamera’s en -robotjes wordt gedaan door het oplossen van een puzzel, maar soms moet men ook de juiste plasmids weten te selecteren en gebruiken.

Bioshock werd op zeer goede kritieken onthaald, maar niet in het Ayn Rand Institute. Maar ik vind de gewonnen awards zeker terecht, dit is een spel dat duidelijk boven de massa uitsteekt, zowel visueel als qua concept. Even veroorzaakte het spel, met zijn “A free man chooses, a slave obeys”-filosofie, ook een discussie over vrije wil in videospelletjes, wat eigenlijk een non-discussie was, want de speler heeft natuurlijk maar zoveel vrijheid als de programmeurs in het spel ingeprogrammeerd hebben.

Desalniettemin, Bioshock is zeker een aanrader, en ik kijk persoonlijk uit naar het vervolg.

You need to a flashplayer enabled browser to view this YouTube video

Inglorious Basterds - 2009

September 7th, 2009 by Erik

ingloriousbasterdsposter

Niet je doorsnee Tarantino film, maar zeer geslaagd.

Tarantino toont dat hij uit zijn eigen mal kan breken, want hoewel we wel enkele typische Tarantino accenten zien (typisch camerawerk, een blote vrouwenvoet of twee, lange dialogen die de personages personaliteit geven, visueel een meesterwerk waaruit je eigenlijk elk willekeurig frame kan lichten en inkaderen), maakt hij toch ook iets nieuws, en toont dat hij dat aankan.

De film is luchtig, zoals in de kin en het overdreven accent van Brad Pitt, heeft momenten die voor niet-Amerikanen minder geslaagd zullen zijn (Eli Roth die met zijn baseball bat een speler die gescoord heeft imiteert), maar de film is algeheel subliem, en vooral de opbouw naar de apotheose en de apotheose zelf vond ik fenomenaal.

Wat ik zeer respecteer aan Tarantino, is dat hij voor zichzelf uitdagingen stelt. Hij maakt het zichzelf moeilijk, maar slaagt er ook telkens weer in de lat hoger en hoger te leggen. Sommige van die scènes kunnen niet gemakkelijk geweest zijn om te regisseren. En zijn liefde voor, en kennis over, films komt zeer mooi naar voor.

Een must om te zien, deze film. Tarantino overtreft zichzelf.

Transformers 2: Revenge of the Fallen (2009)

August 2nd, 2009 by Erik

transformers-2-poster2

Ik kan -en zal- eigenlijk vrij kort zijn over deze film. Meer van hetzelfde als deel 1: flitsende acties, sublieme (computer) special effects, maar met scènes waarin geprobeerd wordt grappig te zijn maar die je doen wensen dat je cinemastoel een fast forward-knop had.

Pluspunten: de special effects zijn duidelijk verbeterd. Budget was kennelijk ook groter dan in deel 1, maar de evolutie van de CGI heeft niet stilgestaan, en dat merk je. Veel actiescènes waarin grote metalen beesten met hoge snelheid tegen elkaar botsen en op elkaar inbeuken, je moet wellicht testosteron in je lijf hebben om het te appreciëren. Hoewel ik moet zeggen dat ik vond dat we veel te weinig te zien kregen van de kleinere, ranke motorfiets-transformers. Bakbeesten zijn leuk om in actie te zien, maar ik blijf toch altijd een voorkeur hebben voor klein, stijlvol, en snel (grijns).

Over snel gesproken: Megan Fox mag er nog steeds zijn, en kwam bevredigend vaak in beeld.

Minpunten: de zwakke pogingen tot humor, de obsessie met ballen en scrotums (ik was bijna aan het turven om bij te houden hoeveel bal-”grappen” er in de film zaten), het té kinderlijke gedrag van het hoofdpersonage. Ook enkele gevallen van “bad editing”, die extra slecht zijn als ze bij een eerste keer bekijken van de film reeds opvallen…

Luchtige actiefilm zoals deel 1 dus, wellicht vooral leuk voor wie ooit met Transformertjes speelde in zijn jeugd. Blij dat ik hem gezien heb, maar als ik hem op DVD zal herbekijken, zal het met de vinger op de fast forward-knop zijn.

Push (2009)

March 17th, 2009 by Erik

Hoewel ik uiteraard meer interesse heb in daadwerkelijke wetenschappelijke studie van de kracht van de menselijke geest, is een beetje fictie rond dat onderwerp af en toe ook niet te versmaden. Een film als “Push” behoort dus tot het soort films dat ik vroeg of laat wel eens wil zien.

push

Push is het verhaal van enkele “paranormaal begaafden” van de tweede generatie. In de jaren ‘40-’45 (zelfs 60 jaar na datum blijven de Nazi’s een belangrijke bron van inspiratie) werden op paranormaal begaafden proeven gedaan, om te proberen hen krachtiger te maken en in te zetten als wapen. Niet enkel de Duitse overheid, maar ook andere overheden hadden dergelijke programma’s (dit is enigszins gebaseerd op realiteit, maar gedramatiseerd en verteerbaar gemaakt voor de grote massa). Geen enkele begaafde overleefde de behandelingen echter, en steeds vaker werden en worden potentiële proefpersonen opgezocht en ontvoerd door een overheidsafdeling bekend als Division. Elke overheid met een dergelijk programma, heeft zo’n divisie.

Het verhaal begint echter met een jongedame die de behandeling wél overleeft, en zo “Patiënt 0″ wordt voor het onderzoek. Echter, de patiënte panikeerde, en vluchtte weg met een dosis van de drug die ze geïnjecteerd kreeg. Division is nu naar haar op zoek, en niet enkel Division, want er zijn wel meer mensen en groepen die baat hebben bij een versterking van de paranormale gaven.

Het wordt een verhaal van achtervolging, actie, planning, en chaos, in de overbevolkte wijken en straten van Hong Kong, waarbij waarheid en leugen niet altijd duidelijk te onderscheiden zijn wanneer sommige mensen gedachten en herinneringen in het hoofd van anderen kunnen plaatsen en wijzigen. De paranormaal begaafden worden overigens onderverdeeld per categorie: watchers (die mogelijke toekomsten kunnen zien), pushers (telekinese), bleeders, sniffers, shadows, stitches, en meer van dat fraais. Sommige gebaseerd op realiteit, anderen wellicht verzonnen voor dramatisch effect.

Doorheen de film krijgen we van elke categorie wel iemand te zien, en men vraagt zich af hoe deze mensen die zich eigenlijk in anonimiteit proberen te verbergen, elkaar allemaal zo goed kennen. De verhaalijn is vaak zeer dun, en het geheel doet een beetje denken aan de TV serie “Heroes”. En eigenlijk bedacht ik me tijdens de film dat het geheel eigenlijk beter uitgewerkt zou zijn als TV serie, maar wellicht zou het publiek dat niet slikken sinds de populariteit van “Heroes”.

Ondanks het dunne verhaal en het geforceerde paraderen van zoveel mogelijk soorten begaafden, het nodige vechten met en zonder vuurwapens, en de obligate amoureuze verwikkelingen, vond ik de film best wel onderhoudend. Wellicht zal niet iedereen er zo over denken, en ik vind het ook geen film om heel vaak te herbekijken. Hij heeft goede momenten, en zeer amateuristische momenten, en is soms een beetje mossel noch vis, door zijn vermengen van inspiraties en invloeden en ideeën van andere films en verhalen. Het was ook alweer een tijdje geleden dat ik de combinatie “eenzaat krijgt ongewenst een rebels en te-levenswijs-voor-haar-leeftijd meisje opgezadeld” nog eens zag. Over het algemeen een zeer matige film, doch ik heb er door persoonlijke vooringenomenheid voldoende plezier aan beleefd, al blijft de realiteit natuurlijk oneindig boeiender.

Vóór de film was de trailer van X-Men Origins: Wolverine te zien (met muziek van Sunshine in de trailer). Een film waar ik enigszins benieuwd naar ben, omdat de X-Men reeks best geslaagd was (en ik de strips las als jonge snaak), en omdat Gambit erin voorkomt, de favoriet van Miss Hips, waar ik volgens haar een aantal dingen mee gemeen heb.

« Previous Entries